Mijn eerste werkdag – 10 jaar geleden bij Buurtzorg

Wijkverpleegkundige

De wijk in

In een piepklein rood autootje drukte mijn nieuwe collega de kilometerknop in. ´Kijk, dit moet je goed onthouden. Je moet altijd je kilometerstand bijhouden, dat vergat ik tot voor kort steeds.’ Ze drukt een knopje in ergens bij haar kilometerteller. ‘Ik werk nu ook pas twee maanden bij Buurtzorg´, lacht ze. In een wit verpleegstersjasje tuft ze in haar kleine autootje heel Ede door. ‘Grote Nel’ werd ze door cliënten genoemd. Ze was een vrouw die zich kon bekommeren over de cliënten maar ook over mij. Ze kletste heel wat af en liet me alles weten: van het eierdopje voor de medicatie, tot welke handdoek voor de vloer gebruikt mocht worden. Ze had werkervaring in het ziekenhuis en werkt nu bij Buurtzorg vanwege de visie. Dit schijnt voor velen toch echt belangrijk te zijn. Dat gaf mij de indruk dat het bij de meeste andere zorg-organisaties dus helemaal niet op deze manier van werken ging. Waarom niet, kon ik mij nog niet voorstellen. ´Mevrouw de Korte woont daar op de hoek´, legde Nel uit terwijl ze haar autootje met een bocht tot stilstaan zette. ´We mogen haar Gé noemen.´ We bevonden ons in de wijk de Rietkampen; een wijk waar ik deels ben opgegroeid.

Met een sleutel uit het sleutelkluisje zoals bij het kantoorpand waar ik solliciteerde, liepen we naar binnen. Het rook er naar tante Zus: sigaretten in grote glazen asbakken, eiken meubels en koffie. Boven lag de bewoonster nog op bed. Ik volg Nel de trap omhoog. Beige vloerbedekking, beige muren, beige alles. Het was nog donker en het gordijn stond heel iets open. Grote Nel boog zich helemaal over de slapende vrouw heen en zei heel zachtjes bij het oor: ´Goedemorgen Gé, ik ben het… Heeft u lekker geslapen?´ Voeten kwamen langzaam in beweging onder het deken. Nel bleef geduldig zitten wachten op de bedrand. Een grijs licht vanuit de nevelige buitenwereld streek door de vitrage neer op het stilleven daar aan het bed. Vol verwondering keek ik naar het stel vanuit de deuropening.

Er werd tijd genomen om op te staan, bij het raam gewogen en terwijl mevrouw zich ging aankleden maakten wij ontbijt beneden. Ik ging er koffie zetten en het afval wegbrengen, de pillen controleren in zakjes; iets wat ik ook nog niet kende. Dit leek bijna geen werken meer. Dit was echt ´zorgen voor´. De kinderen van mevrouw werden bij de voornaam genoemd en al waren ze er niet, ze maakten vanaf dag 1 duidelijk onderdeel uit van het reilen en zeilen in het huishouden. Er lag een communicatieschrift op tafel naast onze overvolle map vol papieren waar tijd voor genomen werd om in te schrijven. De problematiek werd me al snel bijgebracht en het verpleegkundige plaatje werd me tussen het zorgen door meer duidelijk.

Zo reden we van het ene adres naar het andere en overal die persoonlijke aandacht wat bovenaan stond. Wat een klasse!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.